Ik zit aan tafel, dus ik vergader (mensamsedeo ergo congrego)

Wanneer je een vergaderruimte betreedt, zie je ze al staan: de vergadertafels. Je weet wat je te doen staat: ‘Ik zit aan een vergadertafel, dus vergader ik.’ Mensen zijn situationeel bepaalde wezens. Voor een lezing zitten we in een zaal; voor yoga liggen we op matjes. In alle gevallen kennen we het ritueel; rituelen bestaan uit herhaald gedrag.

Een ceremonie is net even iets anders; hier heeft het ritueel een ander karakter. In de ceremonie vieren we het begin of de afsluiting van een verandering. In een ceremonie valt de verandering samen met de handeling.

Wil je dus iets veranderen, pas het ritueel dan aan: maak er een ceremonie van. Het kenmerkende verschil zit in de actieve deelname van deelnemers aan een ceremonie. Die is er bij een ritueel niet: dat wordt voltrokken door een voorganger of voorzitter. In een ceremonie daarentegen treden de deelnemers zelf op, onder begeleiding van die voorganger of voorzitter. De cruciale handeling – denk bijvoorbeeld aan het uitwisselen van de ringen bij een huwelijk – verrichten de deelnemers dus zelf.  Faciliteren zie ik als een ceremonie. Ik doe meestal niet zoveel anders dan in een ritueel, behalve dan dat ik de deelnemers zelf het meeste werk laat doen. Dat kan al door subtiel de inrichting te veranderen. In een cirkel zitten. Voor een bord gaan staan. In kleine groepen werken. En dan de deelnemers zelf de rituele handelingen laten uitvoeren. Makkelijk zat.


Deze bijdrage is geschreven door Jan Lelie.