Wat je probeert te voorkomen, gebeurt juist

Omgaan met weerstand bij verandering leidt vaak tot pogingen om de weerstand te voorkomen of te verzachten, of om juist de confrontatie te zoeken. Geen van deze strategieën zal op lange termijn werken. De kern van de situatie bestaat namelijk hierin: mensen hangen aan hun zelfgeschapen illusies. Een crisis vormt slechts het einde van een illusie; de weerstand ontstaat doordat ze eraan vasthouden. En hoe meer illusies, des te harder ze daaraan vasthouden en des te dieper de crisis.

Elke bijeenkomst, sessie of workshop is gebaseerd op illusies; we noemen ze ‘verwachtingen’, van opdrachtgever, deelnemers, de omgeving. Iedereen verwacht verandering zonder zijn illusies te hoeven loslaten. Faciliteren heet daarom ook wel ‘verwachtingmanagement’.

Hoe laat je je illusie los, als een ballonnetje? Door er niet tegenin te gaan. Weerstand kun je het best neutraliseren door erin mee te gaan.

Als facilitator is het verstandig om niet de illusie te hebben dat je in een vergadering veel kunt veranderen. Wanneer je de deelnemers inzicht geeft in hun illusies, is dat meestal genoeg. Beperk je tot het noodzakelijke. Alleen datgene verandert waar deelnemers het einde van hun illusie accepteren. Het laten loslaten van verwachtingen werkt heel simpel, door tijdens de check-in de verwachtingen op tafel te laten leggen. Sla die stap dan ook nooit over.

Ook de term ‘illusie’ zelf kan weerstand oproepen; gebruik daarom liever de neutrale term ‘belemmerende overtuigingen’.

Deze bijdrage is geschreven door Jan Lelie.