Fail faster: hoe leer je dat?

‘Kom zo snel mogelijk met een eerste versie en neem daarna voldoende tijd om er nog vijf tot tien te ontwikkelen. Elke versie zal beter zijn. En het eindresultaat veel beter dan wanneer je maar één versie maakt.’

De eerste keer dat ik deze opdracht kreeg was bij een commerciële schrijfopdracht. Ik wist niet wat ik hoorde: wilde deze opdrachtgever geen perfect eindproduct, maar in plaats daarvan een schets, een halffabricaat, een uitprobeersel? Ik vond het doodeng!

Sinds deze ervaring ziet mijn wereld er echter anders uit. Ik heb als kind, zoals zovelen, geleerd om niet te falen, om iets pas te laten zien als het af, klaar, perfect is. En dat is de dood in de pot voor creatieve processen, onverwachte inzichten en probleemoplossend vermogen. Want die gaan via trial-and-error, met vallen en opstaan.

Vallen en opstaan? Leidinggevenden zijn meestal niet zo vergevingsgezind of vol vertrouwen om dat toe te staan. Denk aan de productiviteit, de efficiëntie, de relatie met de klant, het imago van het bedrijf!

Daarom is het zo’n verademing als fail faster werkelijk deel uitmaakt van het beleid en begrepen wordt, óók door het management. Elk product, elke dienst en elke publicatie heeft ontwikkel- en rijpingstijd nodig. Veelvuldig feedback vragen en kwetsbaarheid tonen is geen zwaktebod. Integendeel: dat vergt een sterk vertrouwen en leidt tot een beter resultaat.

Deze bijdrage is geschreven door Christa Nieuwboer.