Een kennismakingsrondje? Ja, dag!

Je geeft een training waarbij niet iedereen elkaar kent. Doe je een rondje persoonlijke introducties, of ga je meteen aan de slag?

Bij het traditionele ‘voorstelrondje’ luistert slechts een deel van de groep. Als je bijna aan de beurt bent zit je te bedenken wat je moet vertellen, en als je net bent geweest vraag je je af wat de anderen van je verhaal hebben gevonden. Resultaat: de twee mensen links en rechts van je heb je niet echt gehoord.

Hoe kan het anders? Hanteer drie uitgangspunten:

  1. De deelnemers zijn er primair voor hun eigen doel, en dat is leren.
  2. Te veel tijd besteden aan kennismaken is verloren tijd.
  3. Het voelt niet veilig als je als deelnemer niet weet wie de anderen zijn.

Op basis van het voorgaande volgen hierna een paar eenvoudige alternatieven voor het voorstelrondje:

  • Start niet met een voorstelrondje, maar verwerk dit in de inventarisatie van de persoonlijke leerdoelen. Zo sla je twee vliegen in één klap.
  • Vraag elke deelnemer die zich heeft voorgesteld: wie mag de volgende zijn? Laat eventueel een balletje of stift (voorzichtig) rondgooien; wie hem vast heeft spreekt, de rest luistert. Beperk hierbij de spreektijd per persoon tot twintig seconden en houd de sprekers daaraan.
  • Laat de volgorde bepalen door associatie. Stel dat iemand vertelt dat hij pianospeelt, dan neemt iemand met een vergelijkbare hobby de volgende beurt.
  • Inventariseer plenair vooraf welke drie dingen interessant zijn om van iedereen te horen. Dat vergroot de kans dat iedereen aandachtig luistert.

Het resultaat: een frisse en vlotte start van je training!

Deze bijdrage is geschreven door Jeroen Blijsie.